Het Land Gambia
Gambia (officieel: Republic of The Gambia) ligt op de uiterste westpunt van Afrika aan de Atlantische Oceaan. Gambia is met een oppervlakte van 11.295 Km2 het kleinste land op het Afrikaanse vasteland. Gambia is iets groter dan Noord-Brabant en Gelderland samen. Van oost naar west meet Gambia ongeveer 320 km. Van noord naar zuid varieert de breedte van 20 tot 50 km. Gambia wordt aan drie kanten ingesloten door Senegal. Het landschap is licht glooiend met wat heuveltjes. Het hoogste punt bedraagt ongeveer 40 meter, waardoor Gambia daarmee nog platter is dan Nederland. Dwars door het land loopt de goed bevaarbare rivier de Gambia. De Gambia-rivier voert het hele jaar door water. Langs de kust liggen vele zandstranden. De delta van de Gambia-rivier is vrij moerassig met een mangrovebegroeiing. Het noorden van Gambia heeft een parklandsavannelandschap met lange grassen, grote struiken en wat bomen. Ten zuiden van de Gambia-rivier begint de bossavanne, grasland met groepen bomen.


Klimaat
Gambia heeft een subtropisch klimaat met een droog en een nat seizoen. Het droge seizoen duurt van ongeveer half oktober tot ongeveer half juni. Het komt vaak voor dat er dan in deze periode echt geen druppel regen valt. Maart tot en met mei zijn de zonnigste maanden, met gemiddeld 10 uur zon per dag. De noordoostelijke wind (Harmattan) waait in die maanden vanuit de Sahara en kan in plaats van regen ook wel eens zand brengen. De temperatuur kan aan het einde van de droge tijd tot tegen de 40°C oplopen. Door de warmte ontstaan er regelmatig windhozen die Tonkolong genoemd worden. De luchtvochtigheid kan in de droge periode wel dalen tot 25%. De natte periode duurt van ongeveer half juni tot half oktober. Juli, augustus en september zijn de natste maanden in Gambia. De helft van alle regen valt in augustus. De regen valt meestal in buien, 's nachts en 's morgens. Het regent echter in de natte periode lang niet altijd, gemiddeld op zo'n twaalf dagen per maand. In de hoofdstad Banjul, gelegen aan de kust, valt jaarlijks ongeveer 1400 mm regen. In Georgetown, gelegen in het binnenland, valt ongeveer 1050 mm regen per jaar. De hoogste luchtvochtigheid, tot wel 95%, wordt in augustus gemeten. De watertemperatuur van de Atlantische Oceaan varieert van 20 tot 27¯C.


Handige weetjes...
De hoofdstad van Gambia is Banjul en hier ligt tevens de aanvlieghaven. De voertaal is Engels. Een traditionele drank is de Tenkuolo, een palmwijn. Jollof-rice of Benachin word veelal gegeten en bestaat uit rijst met verse groenten en verschillende soorten vlees en tomaten. Als souvenir is het houtsnijwerk het meest populaire. De nationale munteenheid in Gambia is de Dalasi. Let wel dat girobetaalkaarten niet worden geaccepteerd. U kunt op niet op alle plaatsen terecht met een creditcard. Wij raden u dan ook aan om cash geld mee ten nemen naar Gambia om problemen te voorkomen. Afdingen is een must in Gambia, behalve in bars, restaurants en supermarkten. Raadpleeg het dichtstbijzijnde tropisch instituut voor actuele informatie over inentingen en andere voorzorgsmaatregelen voor een bezoek aan dit prachtige land.

Tijdverschil
In Gambia is het 2 uur vroeger dan in België tijdens de zomertijd en 1 uur vroeger tijdens de wintertijd.

Visum
U dient in het bezit te zijn van een paspoort dat nog minimaal 6 maanden geldig is na terugkomst. Wanneer u in het bezit bent van een Europees paspoort hoeft u geen visum aan te schaffen als u korter dan 28 dagen verblijft. Voor verdere informatie kunt u contact op nemen de Gambiaanse ambassade.

Vaccinaties
Voor een vakantiebezoek aan Gambia is het niet verplicht om over vaccinaties te beschikken. Wel worden vaccinaties tegen gele koorts, DTP en hepatitus A sterk aangeraden. Voor een bezoek aan Senegal is het wel verplicht om over verscheidene vaccinaties te beschikken. Tevens worden anti malaria middelen aanbevolen. Ga voor een aktueel advies langs uw dichtstbijzijnde tropisch instituut.





1. King Kombo, alcoholstokerij en likeurmakerij
Een excursie die erg leuk is en die je individueel kan ondernemen, waardoor je niet afhankelijk bent van anderen. U kunt een bezoek brengen aan een alcoholstokerij en likeurmakerij. U kent natuurlijk de faam die de ‘jungle juice’, de palmwijn, omgeeft. Deze excursie brengt u in contact met een echte Nederlands sprekende destillateur. De fruitplantage, bron van alle plezier, ligt in het hartje van de provincie Kombo. Een rustig gebied, waar zich ongeveer zes jaar geleden, temidden van de bush, de Belgische pionier Emile Arron vestigde. U wordt er rondgeleid en krijgt alle gelegenheid om elke vraag die u te binnen schiet te stellen. Uiteraard kunt U de eindresultaten van alle inspanningen proeven op een van de bantaba's die zich binnen het complex bevinden. Als de drankjes u bevallen kunt u ze aanschaffen en u heeft meteen een fraaie verrassing voor de vrienden of familie thuis. Natuurlijk kunt U later ook zelf nog nagenieten onder het genot van een goed glas lekkers. De plantage is geopend van maandag tot zaterdag tussen 15.00 en 17.00 uur. Even een telefoontje naar 9922428 en u wordt bij uw hotel opgehaald en er uiteraard ook weer teruggebracht. Klik voor meer info op het onderstaand logo van hun website.


2. De hoofstad Banjul
Banjul is de officiele hoofdstad van Gambia, maar verwacht er niet teveel van. Serrekunda, de grootste stad van Gambia, is wat dat betreft een stuk levendiger want Banjul doet een beetje slaperig en loom aan. Toch is Banjul ook zeker een bezoekje waard omdat het wel een charmante stad is. Bezienswaardigheden zijn o.a.: Albert Markt en de haven vanwaar de ferry vertrekt. Het plaatselijke vliegveld behoort zelfs tot één van de noodlandingsbanen van de NASA, waar eventuele ruimtevluchten kunnen worden naar afgeleidt. Als je Banjul binnenrijdt, zie je onmiddellijk de imposante, boogvormige toegangspoort, Arch 22. Met een hoogte van 35 meter is dit veruit het hoogste gebouw van het land. Met een lift heb je hiervandaan een mooi uitzicht over de stad, de Gambiarivier en de oceaan. Op het verkeersplein voor de boog, staat een standbeeld van de onbekende soldaat, die een baby draagt.


3. Serekunda Market
De markt in Serekunda, de grootste stad van Gambia, is een belevenis op zich. Op deze markt kan je letterlijk alles kopen: van echte (of nep) Rolexen tot tweedehands jerrycans, of van slippers tot geiten. Op deze markt doet de lokale bevolking de boodschappen. Het allerleukste is, nadat je zelf uitgeshopt bent, om gewoon rustig langs de kant te gaan zitten en mensen te kijken. Kijk niet gek op als de Gambianen op drukke toon en met dito gebaren onderhandelen over een aankoop of als een pas aangeschafte geit gewoon mee wordt genomen in de taxi.


4. Lamin Lodge
Tussen de mangrove bossen verscholen ligt de avontuurlijke Lamin Lodge. Het is zo goed verscholen omdat het twee verdiepingen tellende gebouw zelf compleet van Mangrove hout is gemaakt. Dit geeft Lamin Lodge een het bijzondere uiterlijk van een enorme boomhut. Eigenlijk is deze lodge een oesterfarm maar omdat het er zo uitzonderlijk mooi is, is er nu dus ook een lodge gevestigd waar je heerlijk kan eten en drinken. Het verharde pad naar Lamin Lodge is geheel gemaakt van verpulverde oesterschelpen, die ook in grote bergen naast het pad liggen. Omdat de oesters zich in Gambia aan de wortels van de Mangroves vastzetten gaan de vrouwen bijna dagelijks bij eb het water op om de oesters van de wortels te steken. De oesters worden gekookt gegeten en van de schelpen worden dus wegen gemaakt. Vanuit Lamin Lodge kan je ook deelnemen aan fishingtrips en vogelaartrips of gewoon lekker rondvaren in een bootje.


5. Paradise Beach
This beach rules! Op dit Bounty strand vergeet je al je zorgen en kan je echt in de relaxstand. In een prachtige baai gelegen kan je hier zonnebaden op het parelwitte strand, lunchen/dineren in de strandbar of gewoon lekker langs de branding lopen terwijl de golven suizen en de palmen wuiven. Exotische schelpen (*) rollen als vanzelf op het strand zodat Gambiaanse vrouwen hier ook komen om van deze schelpen ter plekke armbandjes en kettinkjes te maken. Maak je geen zorgen want ‘hustlers’ en ‘bumpsters’ vind je hier nauwelijks dus neem de tijd en maak een praatje met de ‘locals’ als je daar zin in hebt. Wordt het je, ondanks het zeebriesje, in de volle zon te heet? Neem dan plaats op een strandbed onder een van de rieten parasols of koel jezelf af onder de provisorisch gebouwde stranddouche die gemaakt is van een recycled olievat. Natuurlijk kan je ook een duik in de oceaan nemen maar hou er wel rekening mee dat langs veel Gambiaanse stranden de onderstroom heel sterk kan zijn en ga dus niet te diep. Als je van vis houdt bestel dit dan zeker bij de strandbar, waar hij slechts korte tijd voordien uit zee werd aangebracht. (*) hou er wel rekening mee als je schelpen als souvenir mee wilt nemen, sommige soorten beschermd zijn en dus NIET mogen worden uitgevoerd.


6.Tanji Fishing Village
Het vissersdorpje Tanji is met name leuk in de namiddag omdat dan alle vissers weer terug keren met hun vangst (waaronder haaien, zeeschildpadden en barracuda's) en de vrouwen komen helpen om de vis naar het strand te brengen. De vis wordt meteen ter plekke gerookt waardoor er in het hele dorp een zware geur van gerookte vis hangt. Met de ondergaande zon, de rook van de visrokerijen, de pirogues (kano's) op het strand en de prachtige traditionele kleding van de vrouwen ben je verzekerd van een paar mooie foto's. De verzameling van duizenden koelkasten op het strand, welke NIET elektrisch aangesloten zijn en waar de vis tijdelijk in wordt bewaard, is echt lachwekkend.


7. Kameelsafari in Tanji


8. Kachikally Heilige Krokodillen Pool
De heilige Krokodillen Pool in Bakau is echt een must. Volgens oud animistisch gebruik wordt geloofd dat deze poel bovennatuurlijke genezende kracht bezit met name op het gebied van onvruchtbaarheid. Nog steeds komen vele vrouwen van heinde en ver om zich te wassen met het heilige water in de hoop op een goede vruchtbaarheid. Veel andere oude rituelen worden ook uitgevoerd bij de poel. Deze Kachikally Crocodile Pool of de Heilige krokodillenvijver is een prachtige plek en veel mensen zeggen de spiritualiteit daar te kunnen voelen. Hier tref je onder meer Gambiaanse vrouwen die nog geen kinderen hebben, of zakenmensen die het succes lange tijd niet hebben mogen smaken, die zich wassen met water van de vijver. Mensen met maagklachten drinken het water. In de poel leven zo'n 80 krokodillen waarvan je de meeste kan aaien! Of dat nu komt doordat ze gevoerd worden of dat het inderdaad heilige krokodillen zijn weet niemand. In Gambia zijn meerdere van deze Pools te vinden (sommige met, andere zonder krokodillen) maar de poel in Bakau ligt het meest dichtbij het toeristengebied.


9. Makasutu, ecologisch project
In dit prachtige ecologische bos kan je uren wandelen en genieten van de prachtige natuur om je heen. Makasutu Culture Forest is een goed voorbeeld dat toerisme en milieubescherming hand in hand kunnen gaan. Verwonder je tijdens de wandeling over de felle kleuren van de grote vlinders die aan je voeten landen en verbaas je over de tropische vogels die het woud rijk is. Leer een palmboom te beklimmen op de manier waarop de palmwijntappers dit al eeuwen doen en proef de Zum-Zum (alcohol houdende palmwijn) ook wel bekend als Jungle Juice. Wees wel gewaarschuwd want dit spul kan zo sterk zijn dat veel mensen hier de beruchte Pink Elephant van gaan zien! Mocht je echter bavianen spotten dan ligt dit niet aan de palmwijn, want bavianen zijn inderdaad in grote getale aanwezig in Makasutu. Ook een kanotochtje door de mangrovebossen in het park is een aanrader en voert langs lange mangroven wortels en rivieroevers bezaaid met krabben en andere rivierbewoners. Ter afsluiting kan je van een drankje of hapje genieten in de prachtige buiten Lounge van Makasutu en, als je daar van houdt, een traditionele dans- en djembe (trommel) show bezoeken.


10. Bijilo Monkey Forrest
Vijf minuten lopen vanaf het Senegambia (toeristische) gebied ligt Bijilo Monkey Forest. Je kan hier verschillende apen en prachtige vogels als de Neushoornvogel, in het wild zien. Voor deze trip hoef je niet echt een gids in te huren, want het is heel makkelijk te vinden en individueel goed te ondernemen. Op de weg ernaar toe zal je ongetwijfeld aangesproken worden door ‘bumpsters’ die je apenootjes willen verkopen, maar bij de ingang van het parkje hangen borden dat het absoluut verboden is om de apen te voeren. In het park moet je een Ranger van het park zelf inhuren, deze zal je vragen of je echt geen apenootjes gekocht hebt omdat voeren echt niet toegestaan is. Eenmaal in het park zal diezelfde Ranger je uitleggen dat de apen niet dichterbij komen omdat je geen apenootjes gekocht heb en hij zal je aanraden om dit volgende keer wel te doen ook al mogen de apen niet gevoerd worden?!? Snap jij het nog? Wij ook niet! Naast apen vind je in het park ook enorm grote termietenheuvels en in deze heuvels wonen ook vaak slangen omdat het van binnen lekker koel is. Klim er dus niet op om een leuke foto te maken, omdat je dan best eens een inwonende slang in zijn middagslaapje kan verstoren. Als je in het regenseizoen een bezoek brengt aan Bijilo kan je ook enorme spinnen met dito spinnenwebben zien hangen. Er is in het park een uitzichtpunt waar je een prachtige blik kan werpen op de oceaan en wat verderop is een soort weide waar je als je geluk hebt veel apen met hun baby's van dichtbij kan zien. Deze uitstap ligt op wandelafstand, dus geen taxi nodig...


11. Bakau
Bakau is een betrekkelijk kleine plaats met nog geen 30.000 inwoners. De belangrijkste blikvanger is het stadium, het Independence Stadion, dat officieel plaats biedt aan meer dan 28.000 personen, hoewel dat belangrijke wedstrijden soms door 40.000 personen worden bijgewoond. Bakau ligt schitterend en vanaf het hoogste punt heeft men een fantastisch uitzicht over de Atlantische Oceaan. Het ministerie van landbouw heeft aan de Atlantic Road (Oceaanzijde) tussen Bakau en Cape Point een Botanische tuin ingericht ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek: De toeristenmarkt in Bakau is uiterst geschikt voor souvenirs. In de Batikfabriek in Bakau vindt men kleurige bedrukte stoffen terug. De Batikfabrik van Gena Bes ligt aan het einde van de New Town Road. Openeningsuren: Ma/Vr. 09.00-18.00u. Za. 09.00-17.00u.


12. Brikama
Brikama is uiterst bekend vanwege de uiteenlopende soorten houtsnijkunst. Op de houtsnijmarkt van Brikama wordt uitsluitend houtsnijwerk verkocht. De Gambianen zijn uitstekende vaklieden op dit gebied, men kan ze op de markt aan het werk zien, vaak gebruik makend van niet meer dan een mesje en schuurpapier, hun handen en voeten. In Brikama valt het op dat veel kinderen u een kaartje in de hand proberen te drukken met hun naam en adres erop, in de hoop ooit nog eens een ansichtkaart of een brief van u te krijgen. Een bezoek aan de markt neemt enkele uren in beslag. Vraag aan de chauffeur of hij u wilt begeleiden (20 D. per stilstaand uur van de taxi). Afdingen tot 1/3 of 1/2 van de prijs. De toeristenmarkt in Brikama is uiterst geschikt voor souvenirs. Hier kan je leuke djembe's kopen, maar vraag aan onze chauffeur ook om je even naar Manjai te brengen om er de djembé factory te bezoeken. Een aanrader!


13. Abuko Park
Het Abuko Nature Reserve is een mooi natuurpark, waar je je echt in de ongerepte jungle waant. Buiten enkele leeuwen, een paar apen, een kraanvogel en enkele schildpadden, zie je hier niet veel dieren. Het is vooral het wandelpad in het park wat zeker de moeite waard is. Wat ons opviel was dat de apen heel veel mooie sperziebonen te eten kregen. Nadien bleek dat de Gambianen zelf deze sperziebonen bijna nooit eten.


Op de weg tussen Abuko en Serrekunda treft U de veemarkt aan, plaatselijk de "Cattle Market" genaamd.. Er worden schapen, geiten, pluimvee maar ook koeien verhandeld, op zich een hele belevenis. Naast de markt is een slachthuis, met daar direct achter een plaats waar kadavers worden neergelegd. In de omgeving van de markt hebben vooral de vele gieren dus een prima leven en zijn steeds verzekerd van een heerlijk stukje vlees.

14. The Reptile Farm
Op de weg naar Paradise Beach ligt The Reptile Farm en of je nou een held of een bangerik bent met slangen en reptielen, dit moet je echt gezien hebben! Deze farm is opgezet door een Fransman samen met zijn Senegalese vrouw en zij wonen daar met hun twee dochtertjes. De farm herbergt diverse giftige- en wurgslangen, maar ook kameleons, varanen, schildpadden, (giftige) duizendpoten, een aapje en een jonge gier kunnen van zeer dichtbij bewonderd worden. De meeste dieren kunnen zelfs vastgehouden worden en als je het een beetje eng vindt laat het dochtertje wel even aan je zien dat het echt niet eng is. Alsof ze een babypop optilt, hangt ze met gemak een babypython om haar halsje, om je vervolgens glunderend aan te kijken. Wees niet verbaasd als je zonder angst een paar tellen later ook met een slang om je nek staat.






15. Fort James op James Island
James Island is een zeer indrukwekkend eiland om te bezoeken.
De plaats is erg bekend geworden door de serie "ROOTS", over de slavenhandel omstreeks 1860.


Het eiland ligt in de Gambia rivier zo'n 40 kilometer verwijderd van Banjul. Ten tijde van de slavernij werd het eiland gebruikt als verzamelpunt voor de slaven die op het Afrikaanse vasteland gevangen waren genomen. Op het eiland werden de slaven een aantal weken gevangen gezet om hen voor te bereiden op de grote reis overzee naar diverse plantages in o.a de Verenigde Staten, de Antillen en Suriname. Dit voorbereiden gebeurde door op een zeer onmenselijke manier de slaven geestelijk en fysiek af te zwakken zodat er aan boord van de zeeschepen geen opstand uit zou breken. De ruine van het door de Engelsen gebouwde Fort James staat nog steeds op het eiland en vormt een stille getuige van de verschrikkingen die daar plaats hebben gevonden. In het dorpje Juffureh, op het vasteland bij de aanlegsteigers voor de pirogues (kano's) richting James Island, is een museum te vinden met objecten, verhalen en schilderijen uit de slaventijd. Een aanrader !


16. Tendaba Camp
Vanaf het Senegambia gebied is het ongeveer 6 uur rijden per jeep naar Tendaba Camp. De reis voert je langs kleine dorpjes met hutjes, (rijst)velden waar de vrouwen op staan te zwoegen en door de prachtige natuur. Je zal onderweg misschien een pijnlijke arm krijgen van het zwaaien naar de bevolking maar dit ongemak vergeet je als je de vriendelijke glimlachen ziet van de bevolking. Ook voor niet hele ervaren reizigers is dit een safari die goed te doen is. De leuze van het kampement Tendaba is :

"One million mosquito's can not be wrong.....Tendaba Camp is fabulous!"

En het is inderdaad waar, het is geweldig en vergeven van de muggen (dus anti-muggen spullen niet vergeten). De onderkomens in het kamp zijn eenvoudige ronde hutten (voorzien van klamboes en douche) die opgetrokken zijn in zogenaamde Afrikaanse rondavel-stijl en geheel gemaakt van materialen uit de bush. Ook is er een zwembad en een welgevulde bar waar je na de stoffige rit heerlijk in kan afkoelen. Er is een aggregaat aanwezig, en dus elektriciteit, maar het aggregaat gaat s' nachts wel uit dus neem een zaklamp mee. Vanaf Tendaba kan je diverse tochten ondernemen: met een pirogue (kano) door de rivierdelta, natuurexcursies per jeep in de bush. Bushpig (wrattenzwijn) wordt s' avonds opgediend in het overdekte restaurant dat uitkijkt over de rivier, wil je liever iets anders eten dan biedt het menu daar ruim gelegenheid voor. In Tendaba Camp is ook een kleine afgesloten binnentuin met wat krokodillen die sloom voor zich uit staren en in en om het kamp staan prachtige grote beeldhouwwerken van hout. De overnachting in Tendaba Camp zal je echt het gevoel geven dat van een verblijf in de Afrikaanse bush verwacht. Verder door naar Georgetown is ook een hele belevenis. Nog een dagje meer en je komt aan in Bird Safari Park. Vraag meer info aan Mussa, onze watchman, over deze meerdaagse trips.


17. Barra
Met de overzet van Banjul naar Barra, waar je Fort Bullen kan gaan bezoeken! Vanuit Barra kan je tevens ook een tocht maken naar Senegal. Een tip: maak een trip naar Sakone (40 km) of Mbour (iets verder voorbij Kaolack).